In de zeven jaar samenwerking kwam de Engelse club al twee keer (met een veredeld jeugdelftal) sparren in Antwerpen, maar nog belangrijker was en is uiteraard de komst van een aantal beloftevolle Mancunians en internationale youngsters naar de Bosuil. Ook een aantal jeugdspelers van Royal Antwerp FC kreeg de kans om een trainingskamp op Old Trafford mee te maken, wat een grote impact op hen had.
Danny Higginbotham was de eerste Engelse speler om de (tijdelijke) overstap naar het vasteland te maken. Hij werd gevolgd door Ronnie Wallwork, Jamie Wood, Kirk Hilton, George Clegg, Luke Chadwick, Jim Davis, John O'Shea, Paul Rachubka, Alan Tate, Neil Wood, David Fox, Colin Heath, Eddie Johnson en Phil Bardsley.
Voor Manchester was en is het verblijf van hun (jeugd)spelers bij R Antwerp FC geen noodoplossing, maar een doelbewuste keuze en een belangrijke schakel in de voetbalvorming. Hier wordt een niet te onderschatten onderdeel van de voorbereiding op de carrière bij United zelf afgewerkt. De voorbeelden zijn legio.
Met Ronnie Wallwork had Royal Antwerp FC de beschikking over een regelrechte topper waarvoor later een vijftal clubs
uit de Premiership middels een bod hun interesse toonden. Ook de overgang van Luke Chadwick was voor beide clubs een voltreffer. Luke streek eind 1999 neer op de Bosuil en het timide verlegen spelertje groeide weldra uit tot een zelfbewuste voetballer. Hij loodste R Antwerp FC in 2000 opnieuw mee naar de Belgische elitereeks waarin hij ook, na een korte aanpassing, zijn waarde bewees. Hij verliet de club langs de grote poort. Na zijn terugkeer op Old Trafford stond 'de nieuwe' Ryan Giggs al verscheidene keren aan de aftrap in de Premier League. Hij mocht zelfs proeven van de Champions League tegen de latere Duitse winnaar Bayern München. John O'Shea en Jimmy Davis waren enkele maanden later de opvolgers. Hoewel allebei uit het goede hout gesneden, maakte enkel de Ierse centrale verdediger O'Shea in de tweede seizoenshelft 2000-2001 indruk in Deurne-Noord. Beenhard in de duels, met een uitstekend kopspel en een goede lange bal in de voeten, ontpopte hij zich aan de zijde van Stefan Leleu als een betrouwbaar verdediger. Ook hij gaf na zijn terugkeer in Engeland blijk van een grotere maturiteit en bevestigde ondertussen zijn kwaliteiten in de Premier en de Champions League. Paul Rachubka is een verhaal apart. Als jonge doelman moest hij opboksen tegen het talent en de ervaring van Aleks Klak en Oldrich Parizek. Hoewel hij zich enkele malen in de kijker wist te keepen, gaf de club de voorkeur aan Yves Feys die de beide geblesseerde doelverdedigers kwam opvolgen. Een beetje gedesillusioneerd, verliet de jonge Mancunian nog voor het einde van zijn leenperiode de Bosuil. Vanaf januari 2002 mochten Wim De Coninck en even later diens opvolger Henk Houwaart zich ontfermen over een nieuw duo: de centrale verdediger Alan Tate en leftwinger Neil Wood. De shirts met nrs. negen en vijftien behoorden toe aan de jonge Mancunians. Vooral Alan Tate paste zich behoorlijk snel aan. Met zijn gestrekte loopstijl werd hij een betrouwbaar en ook opvallend onderdeel van de roodwitte afweergordel. Neil Wood had het moeilijker om zich door te zetten, maar ook hij werd enkele keren bij de uitblinkers in het elftal geciteerd.
Aangekondigd als een Gambiaans toptalent, kwam Arthur Gomez de roodwitte kern in de zomer van 2002 versterken. Hij was de eerste stagiair die via het internationale scoutingapparaat van Man. Utd op de Bosuil neerstreek. Hij stak tijdens het seizoen 2002-2003 al sporadisch de neus aan het venster, maar kende vooral een pechjaar. Het duurde lang voor hij in België geraakte en pikte zodoende met een behoorlijk grote achterstand aan bij de groep. Hij werd haast meteen een eerste keer uit een lange reeks geblesseerd. De aanpassing aan die heel nieuwe Belgische cultuur was niet zo eenvoudig voor een knaap van achttien, maar hij vocht terug. Begin 2003 puurde hij uit een handvol invalbeurten vier goals. Bij de invallers scoorde hij aan een gemiddelde van meer dan één goal per match. De voorbereiding op het seizoen 2003-2004 verliep beter, maar hij werd een van de slachtoffers van de sportieve malaise. Onder René Desaeyere kon hij zich maar erg moeilijk doorzetten. In de terugronde kreeg hij enkele keren speelgelegenheid, maar kon ook nu niet echt overtuigen. Hij werd bovendien opnieuw langdurig geblesseerd en zo liep ook zijn tweede seizoen op de Bosuil met een sisser af. Ondanks zijn onmiskenbaar tor-instinct stond de jonge Gambiaanse international na twee eerder matige campagnes bij de Antwerpaanhang ter discussie. De eindbalans van het seizoen 2004-2005 wordt cruciaal voor de verdere carrière van de spits.
De komst van Qatari Yasser Abdulrahman Hussain in juli 2003 bevestigde de internationalisering van het roodwitte samenwerkingsverband, enkele maanden later gevolgd door de Togolese rightwinger Souleymane Mamam.
Ook voor David Fox en Colin Heath begon het Antwerpavontuur begin juli 2003. Ondanks hun Britse flair en technisch kunnen, loste geen van beide de verwachtingen helemaal in. Colin Heath werkte hard, had pech met een paar moedwillige blessures en had het moeilijk zich door te zetten tegen de stugge Belgische verdedigers. David Fox was nogal vaak afwezig voor interlandverplichtingen en leek vooral gebarreerd door... die andere jonge Mancunian: Yasser Abdulrahman Hussain.
Tijdens zijn maidenseizoen op de Bosuil werd Hussain (liefdevol) door coach Henk Houwaart begeleid. Hij liet staaltjes van grote klasse bewonderen, maar deemsterde in de terugronde helemaal weg. Logisch, want de Qatarese (jeugd)international was voortdurend onderweg naar huis voor interlands. Ook in zijn tweede seizoen speelde hij meer in de bordeauxbruine kleuren van zijn vaderland dan in het roodwitte Antwerpshirt. Na een aanvaring met coach Perazic bij een vroegtijdige vervanging, kon hij ook diens opvolger Marc Grosjean nooit meer overtuigen. Ondanks zijn onmiskenbare talent en werklust verdween hij in de zomer van 2004 met stille trom met onbekende bestemming.
Op 13 september 2003 debuteerde de Togolese aanvallende middenvelder Souleymane Mamam (°20 juni 1985) in de hoofdmacht van de Great Old. Ook hij is een jonge leenspeler die door Man. Utd (vermoedelijk) tot 2006 bij R Antwerp FC wordt gestald. Hij is technisch onderlegd, werklustig en snel, maar blijft wisselvallig in de prestatie. Balverlies op cruciale momenten is een van zijn onhebbelijkheden en het blijft daardoor moeilijk een juist waardeoordeel te vellen over zijn doorgroeimogelijkheden.
Begin 2004 begroetten de roodwitte fans twee beloftevolle Engelse Mancunians (spits Eddie Johnson en rechtsachter Phil Bardsley) met enige scepsis op de Bosuil. Hun rugnummer bij de uitgebreide A-kern van Man.Utd bleek inderdaad niet zo maar een adelbrief. Van bij hun eerste aantreden tegen Heusden-Zolder zorgden ze voor vuurwerk. Spits Johnson scoorde tijdens zijn debuutmatch meteen zijn eerste roodwitte doelpunt, maar viel al in zijn tweede wedstrijd geblesseerd uit. Rechtsachter Phil Bardsley speelde eveneens sterk, maar ook hij bleef niet van pech gespaard. Eerst een schorsing na een dubbele boeking en aan de vooravond van de grote stadsderby liep hij een blessure op aan de achillespees. Eddie Johnson totaliseerde vijf doelpunten, maar bleek helaas erg blessuregevoelig.
Al maanden voor zijn eerste balcontact op 9 februari 2004 in roodwit Antwerpshirt werd druk gespeculeerd over de door Manchester in het Verre Oosten ontdekte Chinees Fangzhuo Dong (°23 januari 1985).
Aanvankelijk ging het gerucht dat hij zijn eerste zes maanden in Europa bij zijn Engelse werkgever zou doorbrengen. Uiteindelijk werd hij op 4 februari onder massale belangstelling toch voorgesteld op de Bosuil. Enkele dagen later debuteerde hij al in de hoofdmacht van R Antwerp FC. Snel, kopbalsterk en zin voor samenspel zijn nu al belangrijke troeven. Door zijn gebrek aan taalkennis (van b.v. het Engels) verliep en verloopt de communicatie erg stroef. Met enkele fraaie assists voor ploegmaat Eddie Johnson en een eerste Chinese goal in België op paaszondag 2004 liep hij zeker in the picture. Gedurende de eerste helft van het seizoen 2004-2005, overtuigde hij meermaals als opportunistische en koele afwerker. Afwezigheid wegens een tornooi in Maleisië met zijn nationaal jeugdelftal en een weerbarstig rug- en enkelprobleem hielden hem vervolgens behoorlijk lang van de (Belgische) voetbalvelden. Zijn zwakke lichamelijke constitutie en daarmee samenhangende zwakke(re) fysieke conditie zorgen inderdaad voor vraagtekens.
Twee seizoenen na zijn komst, stond Arthur Gomez op de Bosuil wat heet voor een beslissende test. Na afloop eindigde immers zijn driejaarscontract en hij stond bij het begin van zijn laatste campagne nog mijlenver verwijderd van een mogelijke verlenging. Ook van Souleymane Mamam, ondertussen ingeburgerd in Antwerpen, en Fangzhuo Dong, helaas nog steeds worstelend met een taalprobleem, werden er na de degradatie naar de tweede afdeling klinkende prestaties verwacht.
De zomervoorbereiding was al enige tijd aan gang als Souleymane Mamam na een operatief ingrijpen pas kon aansluiten bij zijn teamgenoten. Hij zou het helaas een seizoen lang moeilijk hebben om een stek in het A-elftal te bemachtigen. Veel beter verging het Fangzhuo Dong die na de Azië-trip met de eerste van Manchester Utd helemaal ontbolsterde. Regi Van Acker kleefde bij herhaling het predikaat 'beste spits van de reeks' op de schouders van de Chinese spits. Met achttien roodwitte rozen en een handvol internationale selecties voor zijn thuisland, beantwoordde hij aan de hoog gestelde verwachtingen. Gedragsmatig maakte hij zijn frustaties t.o.v. staf, medespelers en supporters opnieuw een paar keer op een onbeholpen manier duidelijk. Werd van nabij gevolgd door een Chinese tolk en maakte enige vorderingen in zijn studie van de Engelse taal.
Na de winterstop werden drie jonge Engelse beloften op de Bosuil aangekondigd. Zelfs na de terugkeer van een van de drie naar Old Trafford kwam het Man.-U.-contingent met Lee Martin, Adam Eckersley, Danny Simpson, Sylvan Ebanks-Blake en Tom Heaton uit op vijf. Elk op zijn eigen positie maakten de 'youngsters' het de titularissen uit de heenronde knap lastig. De vijf Engelse nieuwkomers werden begeleid door de ook van Manchester afkomstige Engelse ass.-coach Andy Welsh die eveneens in Antwerpen resideerde om club en spelers te volgen.
Het seizoen 2006-'07 moest hét topseizoen van de samenwerking worden. Special-assistent coach Andy Welsh riep als sportieve patron verzamelen voor de voorbereiding op het seizoen. In zijn kern het grootste contigent Mancunians ooit op het vasteland en daarbovenop nog een Engelse speler met roots bij United. Was het voor de buitenwacht allemaal wat moeilijk om het onderscheid te maken, voor club en achterban was de kwaliteitsinjectie vanuit de zusterclub meer dan duidelijk. Souleymane Mamam werd contractueel verlengd op Old Trafford met sportieve vestigingsplaats op de Bosuil. Fangzhuo Dong moest de 'home bred' Engelse spits Fraizer Campbell inspireren en bevoorraden. Na de bijna traditionele moeilijke start en heel veel interlands voor Volksrepubliek China, zorgde de spits voor sportief roodwit vuurwerk en negen doelpunten tot hij met de winterstop definitief naar Old Trafford verkaste. Fraizer Campbell had zich in het begin laten vastpinnen op 20 doelpunten en de jonge spits klokte ondanks een aantal kleinere blessures op het einde van het seizoen af op precies 20 competitietreffers. Hij slaagde voor de volle honderd percent en was razend populair bij de achterban. "There's only one super Campbell" klonk honderden keren uit de verzamelde kelen van het roodwitte legioen. Danny Simpson werd een tweede leenbeurt van zes maanden bij R Antwerp FC opgelegd, waarna hij bij de Engelse tweedeklasser Sunderland AFC de tweede helft van het seizoen volmaakte. Werd in Deurne-Noord opgevolgd door David Gray die zich echter in zijn eerste competitiewedstrijd (waarin hij bovendien uitgesloten werd) zodanig aan de knie blesseerde dat hij niet meer in actie zou komen. Jonny Evans volgde hetzelfde parcours als zijn teamgenoot Danny Simpson, zij het dat hij slechts een leenbeurt van zes maanden bij R Antwerp FC afwerkte met twee rode kaarten en één allesbeslissend doelpunt. Ook de kersverse Noord-Ierse A-international verkaste in het winterseizoen naar het Engelse Sunderland AFC. Ryan Shawcross kreeg de ondankbare en onmogelijke opdracht Jonny Evans in de vergetelheid te spelen. De kopbalkrachtige verdediger zorgde voor twee knappe doelpunten, maar speelde gedurende de volledige periode in de schaduw van zijn voorganger. Bleven er tenslotte ook de Ierse international Darron Gibson en Kirk Hilton. De weinig praatgrage en niet bijzonder werklustige Ier werd nooit echt populair op de Bosuil, al viel er op zijn werk niets aan te merken, wel integendeel. Ook in moeilijke omstandigheden was hij vaak aanspeelbaar en zorgde hij op zijn jonge leeftijd al vaak voor rust in het team. Ondanks zijn gave traptechniek zorgden zijn vrijschoppen en corners voor bijzonder weinig gevaar. Kirk Hilton vervolledigde het rijtje Britse spelers op de Bosuil, maar hij was wel de enige met een contract bij R Antwerp FC. Hij begon uitstekend aan het seizoen, maar moest half maart afhaken met problemen aan de lies. Rust bracht geen soelaas en dus werd de blessuregevoelige linkerback even voor de eindronde geopereerd. Hij zag zich veroordeeld tot een maandenlange revalidatie die de hele zomer en ook het hele nieuwe seizoen zou overlappen.
Werd R Antwerp FC tijdens de voorgaande campagne in de media nog meermaals smalend Manchester II genoemd, zag de kern er bij
aanvang van dit seizoen helemaal anders uit. Ondanks het ontbreken van Kirk Hilton en de langdurige blessure van Roel van Hemert duurde het tot half september om jonge Mancunians te zien debuteren voor de geliefde kleuren. Craig Cathcart maakte in het Leburtonstadion meteen zijn eerste van twee goals voor R Antwerp FC, het enige doelpunt dat de club in competitie en eindronde zou lukken tegen de roodgele Waals-Brabanders. In weerwil van een gebrek aan stabiliteit in de roodwitte afweer bood de statige centrale verdediger een weerwaarde bij balrecuperatie en de opbouw van achteruit. Michael Lea evolueerde gedurende zijn leenperiode nogal onopvallend op linksachter en bleef op die positie helemaal in de schaduw van o.a. Danny Higginbotham (de eerste Mancunian die het roodwitte shirt verdedigde), Adam Eckersley of nog Kirk Hilton in zijn rijpere (Antwerp)periode. Andy Welsh kwam geregeld over om zijn poulains van nabij op te volgen, maar was niet meer doorlopend gestationeerd in België. Na de jaarwisseling keerden de beide jonge verdedigers terug naar huis en ook de aanwezigheid van hun begeider kwam tot een einde aangezien er in de tweede seizoenshelft geen Mancunians aan het werk waren in Deurne-Noord.
Aanvaller John Cofie werd bij zijn aankomst op de Bosuil begin januari 2012 met superlatieven overstelpt ten gevolge van dan al op YouTube circulerende filmische compilaties van zijn onmiskenbaar talent. Warren Joyce schrijft zijn poulain een grootse toekomst toe, die dan aan het begin van een nieuwe faze stond in het roodwitte shirt van R Antwerp FC. CEO Gunther Hofmans was alvast in de wolken met de hernieuwde samenwerking met zusterclub Manchester Utd.